Kort samengevat
Autofagie is het proces waarbij een cel haar eigen beschadigde organellen en eiwitten omhult en afbreekt in lysosomen, en de onderdelen ervan hergebruikt.
Elke cel hoopt met de tijd 'afval' op: verkeerd gevouwen eiwitten, defecte mitochondriën, opeenhopingen die niet meer functioneren. Autofagie is het opruimsysteem dat dit materiaal omhult in een blaasje met dubbele membraan (het autofagosoom) en dit laat samensmelten met een lysosoom om het af te breken en de onderdelen te hergebruiken. De ontdekking van de genen die dit proces sturen in gist leverde Yoshinori Ohsumi in 2016 de Nobelprijs voor Geneeskunde op.
De autofagische activiteit wordt gereguleerd door de energiebalans van de cel: mTOR remt het proces bij overvloed aan voedingsstoffen, terwijl AMPK en voedseltekort het juist activeren. Dit verklaart waarom vasten, calorierestrictie en geneesmiddelen zoals rapamycine worden onderzocht als manieren om autofagie te stimuleren.
Bij diermodellen — gist, wormen, vliegen en muizen — verlengt het verhogen van autofagie consistent de levensduur, en versnelt het genetisch blokkeren ervan de veroudering. Bij mensen is autofagie veel moeilijker rechtstreeks en niet-invasief te meten, waardoor de meeste gegevens bij mensen indirect zijn: metabole verbeteringen die samengaan met intermitterend vasten of een vastenimiterend dieet, geen bewijs dat autofagie bij die persoon daadwerkelijk is toegenomen.