Kort samengevat
Oxidatieve stress is een onbalans tussen de productie van reactieve zuurstofdeeltjes (vrije radicalen) en het vermogen van het lichaam om ze te neutraliseren, waardoor cellulaire schade aan lipiden, eiwitten en DNA ontstaat.
Reactieve zuurstofdeeltjes ontstaan grotendeels als bijproduct van de mitochondriale energieproductie. In normale hoeveelheden spelen ze zelfs een signaalfunctie in de cel; bij overmaat beschadigen ze celmembranen, eiwitten en DNA. Het lichaam neutraliseert ze met antioxidant-enzymen (superoxidedismutase, catalase, glutathionperoxidase) en met voedingsantioxidanten.
De vrijeradicalentheorie van veroudering, geformuleerd in de jaren vijftig, stelde dat de cumulatieve oxidatieve schade de belangrijkste oorzaak van veroudering is. Grootschalige trials met antioxidant-supplementen (vitamine E, bètacaroteen) bij mensen hebben deze eenvoudige hypothese echter niet bevestigd — sommige lieten zelfs een licht hoger sterfterisico zien bij bepaalde doseringen, en de theorie wordt nu gezien als onvolledig eerder dan fout.
Oxidatieve stress wordt tegenwoordig gezien als één van meerdere onderling verbonden mechanismen, nauw verweven met mitochondriale disfunctie en inflammaging, in plaats van als de enige verklaring voor veroudering. Voor gezonde mensen is er geen bewijs dat het slikken van extra antioxidant-supplementen de levensduur verlengt.