Kort samengevat
Hormoonvervangingstherapie bestaat uit het toedienen van oestrogeen, alleen of gecombineerd met een progestageen, om menopauzale klachten te behandelen en botdichtheidsverlies tegen te gaan.
Wanneer de eierstokken tijdens de menopauze stoppen met het produceren van oestrogeen, ontstaan klachten zoals opvliegers, vaginale droogheid en slaapproblemen, en neemt het risico op botmassaverlies toe. Hormoonvervangingstherapie vult die niveaus aan; bij vrouwen met een baarmoeder wordt een progestageen toegevoegd aan het oestrogeen om het baarmoederslijmvlies te beschermen.
De grote Women's Health Initiative-studie, gepubliceerd begin jaren 2000, veranderde de manier van voorschrijven door aan te tonen dat de risico-batenbalans sterk afhangt van leeftijd en van de tijd sinds de menopauze: starten kort na de menopauze lijkt een gunstiger cardiovasculair veiligheidsprofiel te hebben dan starten vele jaren later — de zogeheten 'timing hypothesis'.
In Nederland is dit een receptplichtige behandeling die individuele risicobeoordeling vereist — voorgeschiedenis van borstkanker, trombose of hart- en vaatziekten — door een arts, onder toezicht van het CBG-MEB. Het wordt niet gepresenteerd als algemene longevity-therapie, maar als specifieke behandeling van menopauzale klachten en bijbehorende risico's.